Nieuwe Adviesdienst voor School en Ouders ~ 'De Lantaarn'

WIPPROGRAMMA

Dit programma is een onderdeel van het onderwerp 'Rekenen leren'.

Inhoud: opbouw | wegen met een balans | 'wip' en 'wipsommen' | vergelijken van hoeveelheden zonder balans of wip | de verschillende stappen

idee en uitwerking: © J.Crum

Vooraf.

Bij het onderwerp 'Rekenen leren' is al voldoende duidelijk geworden, wat het principe is van het beeld van de wip of de balans. Wie met het wipprogramma wil werken, moet dit beeld goed helder hebben. Dat geldt ook voor de functie van de vergelijkingstekens. Vandaar dat we u aanraden eerst het onderwerp 'Rekenen leren' van De Lantaarn door te nemen.
Het wipprogramma is bruikbaar vanaf groep 3. Er wordt vanuit gegaan dat de kinderen aantallen t/m 20 kunnen tellen en dat ze het erbij horende getalsymbool t/m 10 kennen.
Ook verderop, in groep 4, kan het programma bij stagnatie goede diensten bewijzen. Wij van 'De Lantaarn' bieden hier niet een gedetailleerd programma zoals een rekenmethode. 't Is een raamwerk waarbij het eenvoudig is om met de bijgeleverde 'moederbladen' eigen leerstof te maken.

De opbouw is als volgt:

1. wegen met een balans en blokjes; de blokjes moeten voldoende gewicht hebben. Aan de orde komen de tekens

  

2. 'wip' en 'wipsommen'; van balans naar wip.

3. vergelijken van hoeveelheden zonder balans of wip. Met voorgaande tekens en verder:

plus
en
min

Hierbij is het belangrijk om de tekens steeds hetzelfde te benoemen. Er wordt vaak in het begin gesproken van erbij en eraf. Later wordt dat pas plus en min.

Uitwerking.

Opgelet:

1. Wegen met een balans.

Men heeft voldoende aan een eenvoudige balans. Eventueel kan op simpele wijze er één gemaakt worden van een klerenhanger, wat draad en een paar boterkuipjes.
We gebruiken als maat blokjes, die zoals gezegd 'voldoende gewicht in de schaal moeten leggen'.

Suggesties voor oefeningen.
De balans is in evenwicht: laten verwoorden. "Ik heb er hier evenveel als daar." "Hier liggen 3 blokjes, en daar ook." "3 hier is evenveel als 3 daar." Enz. Als het beeld van de balans goed gevuld is, doordat er echt mee gewerkt is, dan gaan we kaartjes gebruiken met het teken


We spreken dan van "is gelijk".


Vervolgens brengen we links of rechts kleine verschillen aan; ook weer verwoorden. Dan "is het niet gelijk" en met een streepje door het is-gelijk-teken krijgen we het teken voor "is niet gelijk".

Hoe maken we dit nu gelijk? Doen.
Het gelijk maken kan op verschillende manieren. Laten we als voorbeeld nemen: aan de ene kant 3 en aan de andere kant 5.

3 vergelijken met 5

Er zijn diverse mogelijkheden:
3 erbij 2
5 eraf 2
maar kinderen kunnen al spelend met allerlei varianten komen, die door anderen soms niet eens begrepen worden:

3 erbij 1 en 5 eraf 1
of:
3 erbij 7 en 5 erbij 5
enz.

Al deze oplossingen zijn goed! Hoe meer kinderen hun eigen oplossing in dit stadium bedenken, hoe beter het beeld van de wip gevuld wordt. Maar wel opletten dat elk kind in ieder geval één oplossing weet. En als een kind vastloopt in de eigen oplossing moet u het er niet bij laten zitten. Dus: goed begeleiden.



Na veel doen, gaan we hetzelfde uitvoeren op werkblad 1. We zien dat hieronder in verkleinde vorm; als u er op klikt, komt u bij de originele vorm die u dan kunt afdrukken. Het gaat hier om het gelijk maken.

werkblad 1

Er is ook een moederblad beschikbaar waarmee u eigen werkbladen kunt maken om op dit niveau verder te oefenen.


2. 'Wip' en 'wipsommen'.

We gaan nu het beeld van de balans uitbreiden met dat van de wip. Als het beeld van de balans goed gevuld is, zal het niet veel moeite kosten om de verbinding naar de wip te leggen. We krijgen hiermee een betere verankering van de begrippen 'is-gelijk' en 'is-ongelijk', doordat de spelbeleving van de wip ermee verbonden is.

Als we bij oudere kinderen op een verkorte manier het beeld van de wip willen koppelen aan het is-gelijk teken, dan tekenen we een wip in de vorm van een plank en vervolgens leggen we de link dat het net een is-gelijk teken is.

schets

Hierbij hoort werkblad 2, waarvan we het bovenste stukje laten zien. Door erop te klikken komt u bij het hele werkblad, dat u dan kunt afdrukken.

werkblad 2

Daarbij zou als toelichting kunnen dienen:
"In het kleine vak bovenaan de bladzijde zie je een wip die recht staat. Nu gaan er op de eerste wip drie kinderen zitten en dan staat de wip scheef. De wip op het plaatje ernaast staat wel recht, maar aan de andere kant zitten nog geen kinderen. In het grote vak eronder zie je allerlei kleine plaatjes met een verschillend aantal kinderen. Er is één plaatje bij, waar precies het goede aantal kinderen op staat, zodat de wip recht komt te staan. Knip dit plaatje uit en plak het op de goede plaats." Enz.

Er is ook weer een moederblad om zelf meer werkbladen te maken. Het is belangrijk om nu ook andere sommen dan tot nu toe samen te stellen, zodat er aangevuld moet worden. Bijv. met aan de ene kant 2 en aan de andere kant 3 poppetjes. Verwoorden als:
"aan de ene kant 2 poppetjes en aan de ander kant 3. Gelijk of ongelijk? Hoe maken we het gelijk?"


3. Vergelijken van hoeveelheden zonder balans of wip.

Nu gaan we geleidelijk over van zichtbare aantallen naar gesymboliseerde: er staat een getal bij een wipuiteinde en

erbij
plus
eraf

min

Voor de nieuwe tekens is natuurlijk een introductie nodig. Dat kan het beste door gebruik te maken van de uitbreiding zoals we die gaven bij werkblad 2. We herhalen nu de betreffende aanwijzingen:

Hierbij wordt het gelijk maken door erbij en eraf van een teken voorzien. Hiermee moet nu doorgeoefend worden. (Dit is een belangrijke tussenstap naar de sommenbladen.)

Dan komen we bij sommenblad 1 t/m 5. Sommenblad 1 staat hieronder verkleind; door erop te klikken krijgt u de ware grootte, die geschikt is om af te drukken.

sommen 1

We zouden hierbij als toelichting kunnen geven:
"Hier staat steeds een wip getekend. Nu zijn er geen poppetjes maar getallen.We gaan weer gelijkmaken. Aan de ene kant staat (7) aan de andere kant (6). Gelijk of ongelijk? Hoe maken we het gelijk? Erbij 1 (noteren)." Dan de eerste rij naar beneden afmaken en vervolgens rij 2. Als dit blad nog te moeilijk is voor uw groep, dan kunt u met een moederblad uw eigen sommen maken.

Hier gaat u, door te klikken op het nummer van uw keuze, naar sommenblad 2, 3, 4 en 5. Dit zijn varianten op sommenblad 1.

Een voorbeeld van de verschillende stappen:

wipsom

Nu kunt u proberen de tekening van de wip weg te laten. Dan komt u bij sommen terecht zoals op sommenblad 6. Of vergelijkbare sommen in uw methode.

Hiermee is het wipprogramma voltooid. Het is nu zaak om het beeld van de wip (balans) in voorkomende situaties te activeren. Houd de terminologie steeds hetzelfde en concentreer u (en de kinderen!) op het juiste taalgebruik.




terug naar het begin

naar: Rekenen leren

Nieuwe Adviesdienst voor School en Ouders ~ 'De Lantaarn'
Hebt u opmerkingen, aanvullingen, suggesties of vragen, wij zijn te bereiken via E-mail
door te klikken op:
e-mail


Naar het overzicht van wat 'De Lantaarn' te bieden heeft.